
Jij bent
de adem die door jou is heen gegaan.
Jij bent
de woorden die een ander heeft verstaan.
Jij bent
als stront zo vruchtbaar voor de grond.
Jij bent
zweet op de huid die ons verbond.
Jij bent
de roodborst met zijn jazzy lied.
Jij bent
de schutspatroon van de vergeet-me-niet.
Jij bent
het nagelschaartje, eerst kwijt, nu altijd zoek.
Jij bent
die zinnen die je voorlas uit dat oude boek.
Jij bent
de lucht waarin je rook is opgegaan.
Jij bent
de aarde waarop wij nu mogen staan.
Jij bent
water en wijn op ons vervreemde feest.
Jij bent
het vuur waar wij om dansen.
Zo blijf je
alsof je er altijd was geweest.
BART TOP
———————
Het was weer tijd voor Lichtjesavond en in de Aula van Begraafpark Kleverlaan in Haarlem mocht ik als onderdeel van een gezelschap Haarlemse Dichtlijndichters twee uur lang gedichten voorlezen voor een vlottende groep rouwende mensen. Indrukwekkend.
Dit gedicht was er dit jaar niet bij. Dat schreef ik voor de crematie van mijn dierbare vriend Frank Siddiqui, alweer 10 jaar geleden. Maar gelukkig wemelt het weer van de roodborstjes, die een paar octaven hoger de saxofoonsolo’s van Frank in herinnering roepen.
Bart Top



























