
ergens
zouden musea moeten zijn
voor alles wat het
museum niet haalde
alles wat vergeten mocht
met een zaal waar hen een
opgewarmde dood wacht
waar alle nutteloze
ingewanden van de aarde
alle blinde armen
alle eenzaten, alle
halve vollemanen, alles wat
het net niet haalde in verhalen
ik zou er alle uren dwalen,
tussen ongeschreven
boeken, met hun nooit
gekozen zinnen maar
de nooit vergeten
woorden jij en ik
Karlijn Groet

zoals bekend is Ditmar Bakker mijn poëtische vormheld – elke keer als ik hem lees verlies ik mij in zijn woorden en is elke vormelijkheid in mij zoekgeraakt – zo ook vandaag:
Het Vergane
Na twintig jaren zag ik je weer hier.
Je keek nog net zo vals en ook zo schrander
als toen we samen waren: gemeander
steeds tussen boete, schuld, venijn en zwier.
Gesprekken liepen óók als de rivier
die ’t leven lijkt en onderwijl verander
je van diep geraakt tot buitenstander
van oude trauma’s of beleefd plezier.
We hebben, vreemd genoeg, heel leuk gekletst:
het scheelt een hoop, als men niet langer strijdt.
Wat waren we toen kwetsbaar en gekwetst.
De stroom verdiept, zij het ditmaal van spijt
om liefde die verleden breuklijn etst
en in het heden weer twee levens scheidt.
Ditmar Bakker











