afgelopen woensdag op de boot van Catelijne aan het einde van de wereld gaf Xander een indrukwekkend voorproefje van de tekst die hij op hemelvaartsdag ook uitsprak ergens op de haarlemse dichtlijn. op de boot van Catelijne werd het heel erg stil ineens – heel erg – het begon met een hondje:
een hond is een spiegel het lukt ons niet hem te kalmeren anderen merken dat het anders dan anders gaat ze kijken van hun taartje op de hond wordt nog onrustiger
buiten leg ik hem uit dat er geen reden voor onrust is ik probeer te geloven wat ik zeg hij loopt voor me uit ruikt aan dingen zoals het hoort hij doet zijn best
we gaan eerder weg zeggen dat het beter is voor de hond in de achteruitkijkspiegel zie ik hem kijken of hij iets verkeerd gedaan heeft
Het was een uur of zes. Na een lange werkdag fietste ik tussen het drukke, gehaaste verkeer, rustig naar huis. Aangekomen bij de rotonde onderaan het viaduct over de Rozenbrug zag ik vanuit mijn linkerooghoek een fietser de helling af suizen. De rotonde aldaar is een moordenaar. Het is er rond de spits altijd druk. Fietsers hebben er voorrang, maar de helft van de automobilisten wil ook ergens snel naar toe en heeft hier dus geen idee van, of kan het gewoon niets schelen. Elke week vinden er dan ook aanrijdingen plaats.
Ik verbaasde me over de doodsverachting met welke de fietser in mijn ooghoek zich naar beneden stortte. Zelf moest ik driekwart de rotonde rond om het viaduct omhoog te fietsen en wist niet of de fietser rechtdoor de Rodenrijsestraat in zou racen of achter mij aan zou komen parallel aan de Gordelweg. Ik besloot voor te sorteren met de klok mee. Een logische keuze, gezien de rotonde eenrichtingsverkeer is.
Achter me hoorde ik geïrriteerd remmen en sputteren. Daaruit maakte ik op, dat de snelheidsduivel me links wilde passeren, terwijl ik rechts juist voor hem had vrijgelaten. Uit piëteit besloot ik dan toch uit te wijken naar rechts om hem langs te laten. Exact op dat moment had de maniak hetzelfde verzonnen en zat dus weer in mijn wiel en passeerde me alsnog links met een storm van vloeken en verwijten, die ik dito beantwoordde.
Mensen zijn erg goed in toeteren en roepen. Ook versnellen of gas bij geven is geen enkel probleem. Ook snel nog even een appje sturen, lukt zowel in de auto als op de fiets perfect. Middelvingers opsteken of uit- of afstappen en iemand op zijn of haar bek slaan is ook geen probleem. Vloeken en tieren en verwijten zijn gemeengoed. Met je fatbike ouwetjes van de stoep af scheuren, verbaast niemand meer. Doorrijden na incidenten is meer regel dan uitzondering. Alsmaar meer en sneller. Het is opvallend dat de laatste optie in het verkeer tegenwoordig remmen lijkt te zijn.
Die parallel zie je in alles. Het is als de vaart, waarmee we als maatschappij de afgrond in denderen. Alles moet sneller. Er zit geen rem meer op. Wie niet mee wil, wordt niet achtergelaten, maar eenvoudigweg in de vaart der volkeren platgereden.
VON SOLO DICHTER, COLUMNIST, PERFORMER EN CINEAST Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl
vanavond het leven weer even besproken met Peter Posthumus – hij levend in denemarken ik in 020 – en dan zijn prachtige dinsdaggedicht voor pomgedichten.nl – nee het leven is als een roze wolluk meneer wolluf.
Het verhaal van de regen is als volgt: loodrecht uit loodgrijze luchten valt het water blijft in in grote vijvers op de akkers staan die de onverschilligheid weerspiegelen waarmee de één de ander overbodig maakte en hoe de toekomst verdween in de vooruitgang die kant noch wal meer raakte.
dank aan alle dichters die inzonden – prachtige gedichten. vier gedichten sprongen er wat mij betreft uit – van zeldzame kwaliteit – waarin natuur, mens, maatschappij, en de natuur van de mens een gezicht kregen – van iedere dichter op zijn/haar zo eigen wijze – de strijdbaarheid van Karin, het all-over poëtische van Cartouche, de dichterlijke verdieping van Vera van der Horst en het contemplatieve van Luk Paard. ik kan niet anders concluderen en in bewondering stamelen: 4X goud!!!! van harte.
De bergen en de rivier
Wie creëerde de illusie van eigendom van grond? Gebakken klei van grenzen en staten die doen alsof ze iets bezitten uit angst iets kwijt te raken dat nooit echt van iemand was
We zijn geen grens geen zoom geen lijn geen symptoom
We zijn stroom We zijn rivier Wij waren hier voordat iemand ook maar wist wat grens ook maar betekent of wat er uberhaupt wordt betwist en water vindt altijd een weg door elke kier in het systeem
Tot ondergrondse wortels zich stilaan verbinden langs barsten in de bodem en laten groeien wat niemand meer kan stoppen, onze harten weer echt kloppen en het ongehoorde wordt gezegd
De bergen leren wijken voor de kolkende rivier en wij eindelijk begrijpen dat de wereld van ons allemaal is en van niemand echt
een strijdbaar gedicht – de woorden het al en de mensheid omvattend – door de woorden heen voel je de woede – en was het de amsterdam zuid dichter Jan Arends niet die al schreef: ‘er is nog nooit een mens geweest die een korrel aarde heeft bezeten…’ nouja in die orde of in die geest leert Karin ons lezers hier opnieuw van het leven. de oprechtheid van de woorden spat de lezers tegemoet.
Interface
Meestal begint de ochtend met een klik, een vinger wekt een horizon van glas en veegt de nacht geruisloos weg.
Maakt plaats voor een koortsig jagen; gevangen in het blauwe licht verlies ik uren van gesponnen goud.
Er rust een oude stilte in mijn handen die niet past bij de vluchtigheid.
Ik ben van vlees, van eb en van vergeten en leg mijn hoofd in ’t kussen van de tijd.
Geen blauwe gloed die aan mijn ogen vreet; ik hoor hoe diep in mij het water zingt en hoe ik de rust van steen en aarde weet.
Vera van der Horst
wat betekent interface nou ook al weer. niet te moeilijk doen hoor. 2 systemen mens en machine – beeldscherm – interactie – ok i see. maar wat madam hier aan prachtregels produceert daar kan geen computer of mobieltje tegenop – wat een prachtregels ik word er maar niet stil van:
–Er rust een oude stilte in mijn handen –Ik ben van vlees, van eb en van vergeten en leg mijn hoofd in ’t kussen van de tijd. -ik hoor hoe diep in mij het water zingt
mijn god waarom heeft u mij verlaten dat ik dit soort regels zelf niet schrijven kan.
Kennis der natuur
zie, hoezeer wij ons storten willen in genot zoeken zich te vinden steeds, elke dag weer
verlangen naar vast – houden van wat van zichzelf los, een belofte is van wat nog geen vorm heeft en tijd van node, zoals liefde
niet buiten licht en donker kan hoe planten, bomen en bloemen alleen gedijen uit hun eigen
zijn zonder streven – weg weten met de natuur der dingen om ons in gewijde stilte en zonder haast te maken verhalen vertellen
groenvoerverzen schrijven van zaad en gras, halm en haver tot de finale – snee van het mes
09-02-2026 / Cartouche
een lofzang op het ware wezen van de natuur – cartouchiaans dichterlijk vorm gegeven – ja wie zo kan schrijven verdient een plek in het groen. dat ie deze zal voorlezen op pomgedichtendag – een dag die aanstaande is. ik neem cartouche vaak kwalijk de verhevenheid te hoog in het vaandel te dragen – maar hier brengt de dichter deze terug tot aardse proporties.
(de rockdichter): zo de lente is nu echt in’et land….de natuur is in groei…alles lijkt mooier….alles geurt en kleurt…en verder is er’et onheil en moord en doodslag en oorlog…we zegge nooit meer nooit meer oorlog en dat’et liefde moet…en de natuur ja de natuur moet gered en zo redt de natuur…maar de oorlog woedt en de doodslag en moord en brand…we zijn mens zoas eeuwenlang reeds en alles is al herhaald…en ik droom van de lente en de liefde en de moeder en de groeiende bloeiende natuur…en’et bloedt vloeit….en alles blijft herhaald…je zal toch mens zijn
“ uit natuur “
lange slierte uit’et lijf getrokke met hande wijd gespreid asof de dood er langs moet dat’et bloedt en nooit terug kan
en pas dan’n nieuw leve geworteld ’n verse moeder uit de tijd die de pasgeborene laaft
met’n heldere blik die spiedt en vernietigt wat verlore is de hande die blijve ’n dozijn
zo ook de toekomst gerafeld vuil bloed wegvlekkend in wat oude grond
‘et lijf in verse tijd zacht neergelegd om uit natuur te groeie tot nog es van iemand as’n nieuwe mens
een bijzondere luk paard deze zondag – een contemplatieve – met prachtregels als – ‘asof de dood er langs moet’ en dan die laatste twee ook – ‘om uit natuur te groeie tot nog es van iemand as’n nieuwe mens …’ – ja ik denk toch dat we dit gedicht als een hoogtepunt moeten beschouwen in het weelderig oeuvre van deze dichter – als hij alle onrust in hemzelf en van de wereld laat neerdalen in beschouwende poëzie leest luk mooier dan ooit tevoren.
Rik van Boeckel – met natuurlijk gemak
Rob Mientjes – rare kwasten
Frans Terken – hoe we het omarmen en vasthouden
Karin Schuitema -We zijn stroom – We zijn rivier
Cartouche – zoals liefde niet buiten licht en donker kan
Vera van der Horst – Er rust een oude stilte in mijn handen
Luk Paard – as’n nieuwe mens
Max Lerou – praten voor 2
Vera Jongejan – veel te grote rode appels
André Heijnekamp – opdracht: gedicht thema: natuur.
Anke Labrie – op weg naar water.
Karlijn Groet – wat hier groeit is blind
MartinB – een mot verbrandt zich
Jorge Bolle – waardevol glaswerk.
wie wint de enige echte virtuele – ach laten we de natuur zijn of haar werk maar laten doen – op pomgedichten.nl? iets met natuur deze week – de natuur van de mens wellicht – daarmee kan de dichter alle kanten uit of op – uw webmaster had er ooit een uitgesproken – zeg maar een uitgeschreven – mening over – maar ja voortschrijdend inzicht you know – u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
Hallo Pom Ik wandel graag door bossen. Zoals het Keukenhofbos in Lisse. Ik hou namelijk van de natuur. Heb daarom een gedicht geschreven dat jij kent: In het groene licht. Maar dit gedicht gaat over het Keukenhofbos dat grenst aan een manege en een weiland waar koeien rondlopen. En aan begraafplaats Duinhof waar mijn ouders zijn begraven.
De waarde van de natuur
De jeugd in een tuin is uitbundig net als in een natuurgebied de natuur schenkt hen later de baard als hij van het leven geniet
de natuur heeft voor hen grote waarde net als voor volwassenen en bejaarden bomen groeten hen met takken en bladeren als zij wandelen door het rijke bos
hun gedachten komen langzaam los om het groene gras spontaan te bereiken voorbij boomstammen van beuken en eiken geworteld in het oppervlak van de aarde
de natuur groet hen met natuurlijk gemak aan de rand van het bos zien ze bloemen en een rustig manege voor paarden of koeien loeiend van de hak op de tak.
Rik van Boeckel 8 mei 2026
een gedicht zoals het leven is. beter gezegd ook kan zijn – zou kunnen zijn in deze grillige tijden. nog steeds is in het zuidhollandse.
Dag pom, Natuurlijk kunstzinnig een kleine bijdrage van mij, geschreven en gedicht in pure natuur. Fijn weekend. Groet, Rob
Zonder titel
Rare kwasten dopen zichzelf in verf ongeduldig in rood, geel en blauw nergens bang voor ergerend aan groen strijdend om eer in woede, puur natuur witte doeken lopen over
lijsten mahonie of eiken kleurloos tegen de wand vangen ziel van rare kwasten zichzelf verklarend tot kunstzinnig schilderij beurs onbevredigend hangen ze zichzelf op boven de bank
Rob Mientjes
een mening kleurrijk verwoord – aan de abstractie voorbij.
Vandaag opent hier in de Heemtuin de jaarlijkse beeldententoonstelling, zo ingebed in de natuur deze al even opgezocht en bewonderd. Mooi weekend! Groet, Frans
Heemtuin
Nemen we het groen in ogenschouw de kleurenpracht van bloemen in weelderig grasland en meiveld
te midden daarvan de beelden die oprijzen tussen de halmen zo met de ondergrond verbonden
kunstig uit natuurlijke materialen gevlochten dat oprichten van wat een mens vermag om zich met de aarde een te voelen
als een school vissen bijeen gedreven staan zij en wij hier in dit park rond de heuvel aan het water
dat het leven voedt vanuit de wortels hoe we het omarmen en vasthouden
een sfeerbeeld getekend met beelden en mensen verzameld in het groen van het groen en water als noodzaak. het leven omarmend.
in de theetuin zit een oude man tachtig jaar zegt hij te zijn
zon en gras in het midden staat een dunne boom met veel te grote rode appels
verderop ligt een Adam met mooie zwarte krullen bijna slapend en zo stoned
verlangt naar een vrucht lijfsbehoud
zegt de oude man durf het bijna niet te vragen
behoedzaam draait dan een geoefende hand de appel van het steeltje hier is geen slang te bekennen
in vertrouwen laat de vrucht los hapt de jongen
Vera Jongejan
met een observatievermogen van een schilder met het oog voor het detail de woorden, de mensen, dingen en de appels hier vorm gegeven.
de natuur is symmetrisch
we hebben twee ogen twee oren en een neus twee gaten
één mond weliswaar daarmee praten we voor twee
ml
een heerlijke kwinkslag aan het einde van de reeks prachtgedichten. max zoals we max kennen. als ie het opschrijft is het een gedicht – wie max kent weet dat hij in het gewone leven ook zo observeert en vervolgens de zaken uitspreekt. ik hoor hem hier praten.
Gedomesticeerd, gecultiveerd, gefrabriceerd zo ben ik gevormd van geboorte tot werkplek.
Als de natuur dan is wat niet door mensen is gemaakt is daar bij mij weinig van over.
Het klinkt dan simpel opdracht: gedicht thema: natuur.
Maar het lukt mij niet en ik voel weerstand met de behoefte om de pen te breken.
Een enorm verzet dat weigert iets te doen en zo natuurlijk aanvoelt.
André Heijnekamp
wel fijn dat dichter toch de moeite neemt te schrijven – uit liefde voor de site pomgedichten neem ik aan – dank je wel André – een persoonlijk document – in alle openheid gedeeld met de lezer(s) – het is die on middellijke directheid die de poëzie van André onontkoombaar treffend maakt.
Afrika
terwijl hij roerloos wacht op de signalen volledig opgenomen in het landschap ziet hij de lucht verzwaren en voelt de grote trek in elke vezel
terwijl hij toekijkt hoe de zonnestralen hun laatste lijnen in de aarde gutsen ruikt hij van ver de regen en voegt zich in de stroom op weg naar water.
anke labrie
in vogelvlucht een fragment van het thema natuur weergegeven. het is alsof de woorden met ‘hem’ meevliegen.
natuur
een gat dat zichzelf met groen vult geen morgen kent geen gisteren weet
een vogel die valt of landt of vliegt, zwijgt in de grond waar niemand vraagt wie je bent
wat hier groeit is blind voor namen en grenzen alles herhaalt zich niets wordt herkend
Karlijn Groet
het onpersoonlijke geduid in persoonlijke taligheid. de natuur die alleen maar zichzelf kan zijn met of zonder menselijke aanwezigheid – het is in wezen ook een beschrijving van de menselijke toestand van de dood in een voortlevende natuur.
het uur zonder vogels
de telefonerende indiër van de nachtwinkel hangt nooit op
zelfs niet wanneer hij mijn bier scant of Lucky Strike uit het rek haalt
ergens ver weg praat iemand door zijn oor recht deze straat in
naast de kassa beloven kleine potjes rust voor 9,95
een mot verbrandt zich zonder drama
MartinB
de menselijke natuur van deze indier en die ene mot onovertroffen getroffen.
Down under
Werd wakker vandaag van een possum op het dak, van roerige lorikeets in de lucht als een zwerm oneindige regenbogen. Een Magpie bracht zwarte accenten in het landschap. De bast van de bomen verrast bijna mijn handen, als een spin mij stopt de natuur vast te houden en aan te raken als een heel dun en waardevol glaswerk.
Jorge, Melbourne tip: google lorikeet en macpie 2 typisch Australische vogels
in wezen een eerbetoon inzichtelijk breekbaar beschreven goed. en dat het down under niet veel anders is dan dat er niets boven groningen gaat – op die prachtige wadden na dan natuurlijk.
ik huil te weinig, vind ik zelf er zit veel woede vóór dat wat iemand ingemetseld heeft
in 2063 raakt alle olie op als ze om de restjes vechten ben ik 90 of dood, in de wereld gingen vandaag tot dusver 68.564 mensen dood, niet één ken ik bij naam, als je hier geboren bent én bijzonder doodgaat mag je in het nieuws — een vrouw stierf all inclusive op een cruise —
tot nu toe rookten we tezamen deze dinsdag 6 miljard sigaretten, het moet nog tien uur ‘s ochtends worden
Kortstondige plensbuien zijn er genoeg geweest maar vannacht stond de hemel eindelijk weer eens wagenwijd open. Ik hoorde zelfs de bliksem z’n dochters naar beneden donderen. Boem! De klei is weer moddervet en het asfalt naar het dorp nog glibberig glad. Tjirpende vogels bejubelen de nieuwe dag. Ook achter de toog van de bakker klinkt een nieuw geluid. ‘Bonjour.’ Prachtige ogen heeft ze. La nouvelle boulangère. Fier als een gieter en met een lijf als Aphrodite zelf. Maar haar stem klinkt als een heggeschaar. Zo’n elektrische. Buiten hoor ik Grietje stilletjes lachen. Het kan verkeren.