
Als de zielen van vermiste zeelieden
krijsen ze. Ze schijten, ze roven, ze moorden.
Hun kil-brutale gele ogen missen geen moment
van onoplettendheid. Dan slaan ze toe.
En weer hoor je ze hatelijk lachen.
Elkaar gunnen ze nog niet het kleinste stukje
brood. Ze hakken in lijken, ze rukken, ze trekken tot…
het eerste avondrood.
Dan vangen ze het laatste licht, zweven in
en dan uit zicht. Laten zich liefelijk vereeuwigen
In een perfecte positie tot die rode bol boven de horizon.
In een perfecte connectie met ons, die ook weten:
romantiek is een zaak van het juiste moment
een tel van geluk.
En dan weer krijsen, schijten, roven, moorden.
——–Bart Top————–
Wat vinden jullie? Eerst is er de observatie, het beeld. Dan komt er een associatie, een gedachte, een oordeel zelfs. Wat vinden jullie, had ik het bij de observatie, het beeld moeten laten? Met andere woorden: wat voor poëzie sta jij voor?











