in augustus geen zondagochtendwedstrijd – vandaag wel VON SOLO

bij jou
 
ik kan me niet voorstellen
dat mensen van me houden
was wat je zei
 
ik zal eerlijk zijn
ik vind het moeilijk
om niet van je te houden
 
om niet van alles met je te kunnen
vrijen en vloeken, de a’s tellen
in het woord granaatappel sap
 
van je houden is echt niet moeilijk
weet je – alleen is de weg zo lang
die je van binnen uit holt
 
pom wolff



in de maand van augustus houden we een lichte vakantie – kleinkids op bezoek – witte wijnen in de tuin – uitstapjes – ach u kent het leven van een opa wel – de site draait door maar de zondagochtendwedstrijd tot september even niet – het staat u vrij in augustus om een weekendgedichtje in te sturen ter publicatie – en we herhalen in het weekend gewoon mooie wedstrijden uit het verleden. wij van hier wensen ook U een fijne vakantie – we hebben nog een VON voor u – VON SOLO the column! de enige echte virtuele VON SOLO:

Op mijn werk zijn er dagen dat ik er niet aan ontkom. Groepsoverleggen. Deze sessies kosten me veel energie. De onderwerpen zijn uiteenlopend, maar de rode draad is, dat er telkens weer een ‘creatieve werkvorm’ wordt gebruikt om  in een bepaald stramien samen ideeën te co-creëren. Soms werkt het. Het is vaak een rijtje met ‘prikkelende’ stellingen of vragen aan de hand waarvan dat quasi gestuurd naar een oplossing toegewerkt moet worden. Dat aandragen van ideeën vind dan plaats op briefjes die op een grote rol bruin papier geplakt moeten worden of op een flipover.
Afgelopen dinsdag was ik weer aan de beurt. We hadden een soort ‘evaluatie’. Op een lange papieren strook stonden alle daden van de ‘werkgroep’ afgebeeld in een tijdlijn. Wij mochten daar plakkerige papiertjes op kleven met ‘tip en tops’. Ik doe dan echt mijn best, maar weet ook, dat het niet gaat over wat je opschrijft, maar over de ‘consensus’ en ‘het goede gevoel’. Op een gegeven moment zie ik een briefje waarop staat: ‘Grote diversiteit aan doelen’. Daar plakte ik een briefje aan vast met de woorden: ‘Minder grote diversiteit binnen de werkgroep’. De meeste gremia waar ik mij in begeef zijn namelijk overwegend blank en man. Soms wat blanke vrouwen. Ene een enkele uitzondering op de regel.

Een collega van me moest daar erg om lachen. Hij wist zeker, dat dit onderwerp van gesprek zou gaan zijn bij het ‘plenair toetsen’ van de briefjes. Hij zei, dat als het ter sprake kwam ik gewoon niets moest zeggen. Dat zou hilarisch zijn. Ik begon al bijna spijt te krijgen van mijn uitspatting. Mijn collega kreeg vijf minuten later gelijk. ‘Wie heeft die opmerking over diversiteit gemaakt?’ Ik wachtte even. Er hing een voelbare spanning in de lucht. Als ik nu niets zou zeggen, hadden we de poppen aan het dansen. Ik stak mijn hand op en gaf te kennen, dat ik die opmerking had neergehangen.

Daarop kreeg ik meteen een aantal kritische, bijna rethorische vragen om de oren. Waarom ik die opmerking er tussen gehangen had. Daarop antwoordde ik, dat het een constatering was. Maar we hebben toch drie vrouwen en twee Aziaten in de groep. Of ik dat niet divers vond. Daarop repliceerde ik, dat dat nog geen afspiegeling van de Rotterdamse bevolking is. Toen nog de vraag of dat goed of slecht zou was. Waarop ik herhaalde, dat het puur een constatering was. Ik zou niet in die val gaan lopen om vervolgens geslachtofferd te worden op het hakblok van politieke correctheid. Gelukkig was de gespreksleider zo wijs naar het volgende briefje door te gaan. In mijn ooghoek zag ik mijn collega bijna stukgaan van zijn ingehouden lachen.

Naderhand hadden we het er met zijn tweeën nog even over. Hoe er bepaalde woorden of opmerkingen zijn, die werken als een toverspreuk. Ze kunnen ervoor zorgen dat mensen ineens, als bij een hypnose in een rol vallen. Een soort woord, dat iemand in een trance brengt. ‘Diversiteit’ is op het juiste moment blijkbaar zo’n woord. Iedereen kent het. Vreest het, verafschuwd het en gaat zich ongemakkelijk en geforceerd gedragen. En niemand heeft echt een idee hoe ermee om te gaan. Het vereist enorme context en politieke correctheid om het te kunnen hanteren. Het is een machtig wapen, dat zich net zo makkelijk tegen haar drager keert. Het is de mores van een absurd, totalitair regime, slinks verpakt in één woord. Beangstigend en ongemakkelijk makend. Gij zult zich voegen!


VON SOLO
DICHTER, COLUMNIST,  PERFORMER EN CINEAST
Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl
Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl 

Share This:

wederom een TOP vrijdag! Bart Top over Vroman



De taal der lichtheid

“Kom vanavond met verhalen
hoe de oorlog is verdwenen,
en herhaal ze honderd malen:
alle malen zal ik wenen.”

Dit zijn de – voor een oudere generatie – overbekende slotwoorden uit het magistrale gedicht ‘Vrede’ (1954) van Leo Vroman. Volgens zijn biograaf Atte Jongstra had Vroman daar uiteindelijk zelf een hekel aan, omdat hij nooit huilde.
In 2006, hij is dan 91, schrijft Vroman: “Ik vind het natuurlijk om niet te schrijven: ‘O wee, de lucht wordt zwart!’ Ik schrijf: ‘De lucht wordt zwart’ en laat het 
 aan de lezers over. Het is waar dat ik 67 jaar niet heb gehuild. (…) In plaats van te huilen schrijf ik versjes.”’

Waarom 67 jaar? Dat is nauwelijks gissen. In 1939 begon zijn relatie met Tineke, zijn levenslange gezellin vorm te krijgen. Stopte het huilen daardoor? Dat lijkt me niet waarschijnlijk. Als je de bijna twee stoeptegels dikke biografie ‘Inkt, bloed & liefde’ van Jongstra gelezen hebt, blijft er maar een conclusie over. Vromans stopte met huilen toen de verschrikkingen van het nazisme zichtbaar werden. Bloedstollend is het relaas van zijn vlucht voor de nazi’s uit Nederland, het verlies van vrienden en familie; zijn kampjaren in Indonesië en in Japan. Wat hij toen ondervonden heeft, aan zijn lichaam, aan zijn ziel; wat hij toen gezien, geroken en gehoord moet hebben, is letterlijk te vreselijk, te vleselijk voor woorden. 

Na zijn overleving heeft Vroman naar eigen zeggen 3000 gedichten geschreven, waaronder zeer lange. Wat iedereen treft in deze gedichten is de lichte toon, tot meligheid toe. Jongstra, zijn biograaf zoekt niet naar verklaringen, probeert het niet uit te leggen. De paradox tussen de helletocht van de oorlog en het ogenschijnlijk vreedzaam kabbelend bestaan met zijn muze en evenknie Tineke (zij dichtte ook) laat Jongstra onbenoemd. Maar voor mij als lezer is het duidelijk. Vromans zegt het zelf: “In plaats van te huilen schrijf ik versjes.” Let wel, geen ‘gedichten’. Om verder te kunnen leven moest Vroman altijd aan de lichte kant van het bestaan blijven. Omdat hij alleen zo leven kon. Omdat de zware kant onbenaderbaar was, te zwaar voor tranen, te zwaar voor woorden – omdat hij alleen zo uit de klauwen van de dood kon blijven, tot z’n 99
! De taal der lichtheid was zijn reddingsboei en heeft ons een vloed aan heerlijk lichte gedichten gebracht.

————————————-
Wie via topolino@xs4all.nl
 de beste reden opschrijft, mag mijn nu al uit de band hangende exemplaar van ‘Inkt, bloed & liefde’ drie maanden lenen.

Bart Top

Share This:

Peter Berger – het was weer feest in frankrijk


Het was weer feest vandaag. Een Frans feest, zoals de dame bij de bar tabac vandaag uitsprak: gewoon een mooie zomerdag. Niets meer en niets minder. Met droge ogen. Zei ze het. Het stuk zal ergens in de vijftig zijn en is zoals altijd nogal direct in haar ´approach´: “une belle journée d’été”. Haar glimlach spreekt boekdelen en doet me subiet smelten. Ofwel: niks nieuws onder de zon. De zaak is volkomen verlaten. Zelfs de Monsieur Patron is in geen velden of wegen te bekennen. Ze fronst en vraagt met een vette glimlach of ik hard gewerkt heb vandaag. Dat ligt nogal voor de hand want mijn shorts en benen zijn bedekt met een dikke laag ingedroogd modderstof. Mijn beheersing van de Franse taal laat me in de steek. 

Ik wil haar vertellen over de voormalige stalvloer die jarenlang als terras dienst heeft gedaan, maar sinds covid in onbruik is geraakt. Compleet overwoekerd. Van de stal zelf, al zeker een eeuw geleden ingestort, rest nog slechts de bakstenen vloer. Op staal gefundeerd. Handgebakken ruwe rode baksteen in klei ingeklonken. Ooit moeten er een stuk of zes koebeesten hebben gestaan. Dat zie je aan de giergoot die de drek destijds naar het putje heeft afgevoerd. En zaadjes ontkiemen nu eenmaal graag in vruchtbare voegen. Berenklauw, distel en gras, maar vooral heel veel bramen. Een jaar of drie geleden stonden daar struiken van zowat een meter hoog. Op het terras.


Tijd voor actie. Ik heb er een vrachtwagenzeil overheen gegooid. Twee jaar terug. Laat die maar het zware werk doen. Vandaag was het tijd voor de revelation. En ja hoor. Een ingedroogde plak van organisch slijm. Zeg maar een dikke koek compost of tuinaarde. Tien centimeter was het niet, maar dat is wat ik aantrof. Het was een kwestie van schrapen en scheppen. Een kruiwagen of acht. Twaalf? Hoe dan ook overbeladen. Een kwestie van doorzwoegen en heel veel zweet. Liters. Het terras is klaar voor gebruik. Maar hoe zeg je dat in het Frans? Dat hele verhaal. Mij is dat niet gegeven. Ik wens haar daarom stuntelig een bonne journée en verplaats me naar de supermarché om de hoek. 

Het gaat straks een eendenborst worden. Saignant. Snoeihard gebakken. Met gestoofde champignons, paprika en tomaat. Ingedikt met melk en een flinke dosis Piment d’Espelette. Een teentje knoflook, een plukje tijm en een theelepel lokale honing om het af te maken. Vergezeld van een glas Fitou uit de Languedoc. De hoofddruif Carignan staat voor kracht en structuur. Syrah en Mourvèdre zorgen voor kruidigheid en diepte. Grenache geeft de wijn warmte en fruitige smaken. Ik kom de avond wel door. Met die fles. Eerlijk is heerlijk. De wijn

Peter Berger


Share This:

Vera Jongejan – ik zie haar nog staan doorzichtig in het licht..

 woonboot

de buik van de boot van mijn vriendin
was zeer blauw
alsof het onder water zijn
nog meer moest worden geaccentueerd
er speelde een soort van geluk zich af
met houten kastjes kleden bloemen
en een box voor de kleine jongen
zij schilderde de weerslag van haar dromen

ik zie haar nog staan doorzichtig
in het licht van de kombuis
koffiedamp en een delicate glimlach


Vera Jongejan

Share This:

Ien Verrips – gestruikeld


als ik struikel
juichen mijn vrienden niet
als ik bij de voordeur sta
mijn sleutel niet kan vinden
steken de buren niet de vlag uit
en als ik val 
is er meestal iemand
die me opraapt
het zijn altijd die  kinderen
die kutkinderen
die me uitlachen.


Juli 2026 – IEN VERRIPS

Share This:

Rob Mientjes – Huis boom beest auto werk…


Huis boom beest auto werk


Huis boom beest auto werk
meer moet dat niet zijn
in veelheid van geluk
uitgetekend gestroomlijnd

getoverd en getoond
op tv in film op foon en tablet
binnen kaders van moreel
gladgestreken voorgekauwd
precies passend in een hokje

wie het niet haalt of wenst
binnen of buiten 
pech

de tijd verstreken
de grens bereikt
onverlaten

verlaten van
huis boom beest auto werk
wiens wieg nooit heeft gestaan
in vreedzaam landschap
berust nooit in eenvoudig zijn


Rob Mientjes


Share This:

Anke Labrie en Cartouche winnen de enige echte virtuele – geniet het moment-  de vergankelijkheidstrofee op pomgedichten.nl

dank aan alle dichters die inzonden. onder de gedichten leest u de commentaren – twee wel heel bijzondere gedichten vandaag – een samenloopgedicht van Anke en een existentiëel levensgedicht van Cartouche – virtueel goud – van harte.



Du moment

ik jou zag komen aanrijden als een
niet te missen trein hield ik staande
en sta nog versteld van het snelle

waarmee later binnen
het gedragen klinken van
muziek ‘its just a perfect day’

en vaders praatjes over vullen
van gaatjes, haken en ogen

en bloed dat stuwt en toch die slappe
handjes, knellen van bandjes en boezem
trillen waar tast en zin elkaar raken

opspringen tussen twee en een en
dan dat intens diepe – in jouw ogenblik

dat moment van weelde, die ene
zo lang geleden al – terwijl de tijd
normaal de grote gelijkmaker is –

staat als een rots
tekening in mijn ziel gebrand

26-07-2026 / Cartouche

lou reed komt nog even langs – als een voorbode van de strofe waar het hele gedicht om draait,  het hier beschreven leven van de dichter  – ok van de ik persoon – om draait – die prachtige strofe recht uit het hart:

dat moment van weelde, die ene
zo lang geleden al – terwijl de tijd
normaal de grote gelijkmaker is –



Koningsgraf 

Het papier draagt nog haar geur
zelfs in de inkt is ze hem trouw
haar ogen met exact die kleur
Hij wil haar balsemen in blauw


De kroontjespen zijn instrument
een koningsgraf voor hen alleen
waarvan slechts hij de ingang kent
Hij windt zijn zinnen om haar heen


Het schrift met rouwmateriaal
De regels vaag en jaren oud
Het zwijgen bleek kostbare taal
Hij smeedt een masker van dat goud


De inkt vloeit traag en zuigt zich vast
Slotregels komen eindelijk op hem af
Hij weet dat ieder woord nu past 
Hermetisch sluit hij dan het graf 


Anke Labrie

eerlijk gezegd weet ik niet zo heel veel raad met dit gedicht. het is bijna te mooi –

‘Hij wil haar balsemen in blauw’

vakkundig rijm ook  – een bijzonder moment – de totstandkoming van een gedicht beschreven in een gelijk met het beschrevene opgaand gedicht – dat zie je niet vaak – een ware samenloop – met kroontjespen die aan reve doet denken-
  • Jorge Bolle – troost in vergeten donker
  • Rob Mientjes – au moment suprême
  • Karlijn Groet – Het is het nu, waar alles wordt gegeven;
  • Rik van Boeckel – naar het universum boven de aarde 
  • Bert Dekker – het moment voorbij
  • Ditmar Bakker – Twaalf maanden ongeveer tevreden
  • Anke Labrie -De regels vaag en jaren oud
  • Max Lerou -klokkenluider
  •  Cartouche – dat intens diepe
  • André Heijnekamp – Ze zei ze moeten de berm maaien..
wie wint de enige echte virtuele – geniet het moment-  de vergankelijkheidstrofee op pomgedichten.nl?

ach laten we de oude freud nog eens aan het woord  ‘De waarde der vergankelijkheid is een zeldzaamheidswaarde in de tijd. De beperking van de mogelijkheid tot genieten verhoogt de kostbaarheid daarvan’ – en zo is het ook nog eens een keer. geniet het moment. het eendje op de foto zit er ook niet mee. en ooit zat er vast een  prachtige vrouw op deze fiets en op haar bagagedrager een innige geliefde. u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
 


genoeg
 
een blik nóg in het huis
waarin je woonde
en de bomen zei
dat het zo niet blijven kon
 
hier zachte stem mijn oor
vertel me nog een keer
van die bomen
van de dieren en het kind
 
in jouw taal wil ik leren
hoe in een machteloze orde
de vrede zich hervindt
 
 
©pw

 

Gladiolen

Jij bent mijn nu,
al is het winter waar je woont.
Nooit sneeuw, nooit ijs,
vogels die niemand kent.

Zomer waar ik ben,
in een land waar je aan de finish
gladiolen krijgt,
die eerder dood zijn,
dan de blaren verdwenen.
Wat verder verdwijnt is mist,
wat oplost is de gedachte dat…
en de woorden die…
en licht, waarin te lang gekeken,
troost in vergeten donker.

Jorge

in ieder geval de mooie momenten van weleer, de gedachten, de woorden in mooie nieuwe woorden met weemoed belegd. de afstand tussen de geliefden van ooit wezensver in  twee strofen  geschetst – het regelwit als niemandsland gegeven. het gezegde – de dood of de gladiolen – als diepere laag aan het gedicht meegegeven. ja hoor mij mag je wakker maken voor dit soort poëzie. je voelt het kruipen van de melancholie als warme oude zachte whisky door je slokdarm glijden. laat ik ook eens een vergelijking trachten.
Momentueel

Daar zit ik dan
op mijn fiets
achterop
linea recta
de gracht in
au moment suprême

un coup de foudre
in vuur en vlam
Monique avant
om nooit te vergeten
poedeltjenaakt
totdat ze zei
doodserieus
stop met drinken
eet meer Freud
dan blijf je Jung


Rob Mientjes

het was he momentje wel – liefde op het eerste gezicht – dat heb ik nou nooit dat van die naakte vrouwen op een fiets. wat mij betreft is er niets tegen het verfilmen van deze scene.

De klokken tikken onverminderd door,
maar in de stilte van het allerkleinst moment 
voorbij alweer voordat je ’t werkelijk kent,
loopt wat er is, heel even maar, iets voor.

Het is het nu, waar alles wordt gegeven;
geen leeg perron waar men op alles wacht,
geen donker voorportaal van dag of nacht,
maar het bevochten midden van het leven.

En al wat leeft, beleeft dit ogenblik
en al wat sterft, beseft het vroeg of laat;
er is geen groter goed, geen betere staat,
dan simpelweg te weten: hier ga ik.

Karlijn Groet

met de wijsheid der jaren – het overzicht – de berusting ook – maar het van zichzelf bevrijde ik mag er zijn – in die wetenschap lezen we prachtige dichtregels die in dit gedicht in de middelste strofe zijn terechtgekomen – dat is geen toeval –  als waren zij de beschrijving van het midden van wat ooit was en van wat nog zal zijn:

 Het is het nu, waar alles wordt gegeven;
geen leeg perron waar men op alles wacht,
geen donker voorportaal van dag of nacht,
maar het bevochten midden van het leven.


Hier mijn bijdrage aan ‘geniet het moment’.
Gisteren als percussionist met de band Dinanga
(Liefde) opgetreden in Haarlem. Dat was genieten. Dinanga betekent liefde in een taal uit Congo want het is de band van een Congolese zangeres/gitariste. 



De spreuk vol waarde 

Het muzikale moment laat de tijd gaan 
gaat de dag door elkaar schudden 
met een lach en een gelukkige traan 
zodat slagen op trommels wachten 
op volgende optredens
om vergankelijkheid te verzachten 

nagenieten is de spreuk vol waarde 
het beeld van dansende mensen 
leidt naar het universum boven de aarde 
om dagelijks meer muziek te wensen. 


Rik van Boeckel 
25 juli 2026

Rik plaatst de muziek – het bovenaardse moment van muzikaal samengaan – buiten de tijd. een soort vereeuwiging van de muzikale momenten.


Bert Dekker

ja een grappig tafereeltje – qua thema wel tot he point maar qua poëzie toch magertjes. net over de rand van de poëzie het cabaret in geduikeld de tekst.
De Zoveelste

Je nam een trede van de trap
en rende schielijk naar beneden.
De deur sloeg dicht: voorbij ons Eden,
het hemelbed–een dure grap


door ons tezamen, tel ze, krap
twaalf maanden -ongeveer- beleden.
Twaalf maanden ongeveer tevreden
ineens verwoest. Eén woord, één klap.


Geen zou de ander ooit vernielen,
maar zomerzon en kermispret,
en liefde, warmte…zijn ter ziele.


Een winter, wéér alleen in bed,
slechts vergezeld door randdebielen
afspeurende het internet.

***[D.B.]


tsja wie zo mooi kan schrijven over het vergaan van wat ooit als liefdevol werd ervaren – verdient de enige echte ware – en niet de zoveelste. aan de andere kant levert die enige echte ware niet zoveel mooie regels als deze passant – nou ja dat vermoed ik – 12 maanden dan denk je wat in handen te hebben – rent het van je weg – ja dat is niet te harden.
klokkenluider
 

hij is de baas van de klok
de kosmos weet wel beter
 
tijd draagt het mombakkes
van de dageraad
 
schoppenaas schuilt
in de boezem van het licht
 
ml
25 07 2026

de kosmos weet beter – ook de klokkenluider moet niet teveel babbels krijgen. waar rik van boeckel de tijd en het heelal verheerlijkt rekent max af met deze grootheden.


Druipende vingers
  
Ze zei ze moeten de berm maaien
ik zei dat het voor de insecten was
 nou, als opa nog had geleefd.
  
Ik vroeg haar naar de perziken
 of ze rijp waren, veel te
 zei ze, ik knoei alles onder.
 
Ik keek haar aan en vroeg mij af
 wanneer het omslaat
 wanneer genieten gemopper wordt
 en ik dacht aan wat ze vroeger zei
 dan pak je toch een doekje.
 
 Maar toen trilde ze nog niet
 en opa nam de doekjes mee
 die ze steeds vaker vergat.


André Heijnekamp

toen trilde ze nog niet – de mooiste momenten van het leven voorbij deze lieve perzikoma – maar zolang ze er nog is zijn de herinneringen nog zeer dichtbij en zij ook nog niet te ver. mooi.

Share This:

Bart Top neemt het stokje over van Xander Jongejan op de vrijdag – ‘Niet blijven zitten: opstaan!…’

we zijn trots te mogen aankondigen dat Bart Top een aantal vrijdagen met ingang van volgende week de pomsite zal verrijken met zijn bijdragen – in poëzie en of in proza – in april van dit jaar won Bart de alom bekende zondagochtendwedstrijd op deze site – zie hieronder zijn gedicht van toen en juryaantekening – het zal niet stil worden op de vrijdag hier! welkom Bart!

———–
Niet blijven zitten: opstaan!

Wat is de waarde van een mensenleven
als dag na dag de prijs van olie 
hoger wordt opgedreven. Hoe hoger
dat die stijgt, hoe harder zijgt 
neer de prijs van vlees en bloed.
Het is hun oorlog die zich 
met onze lichaamsvochten voedt
die graait en maait
en zonder onderscheid
leed toevoegt aan al wie 
al zo lang zo bitter lijdt.

Hen is het om het even
of bommen vallen op
oorlogsschepen of
op een ziekenhuis.
Hoe ver is elke vorm
van humanisme weggedreven.

Terwijl de verbeelding is gestorven
ruiken verdorven geesten
grenzeloos profijt, Hun zielen
leven op: de geur van geweld
smaakt op hun tong naar geld.

Wie draait er terug
het wiel van de geschiedenis
dat doldraait op hebzucht en haat?
Of is het al te laat om
met rede en met recht 
het strijdperk in te perken
de wapens te begraven
de massagraven op te graven
de doden weer een naam
te geven. En ook een naam 
aan wie bleef leven.
.
Blijven we kijken, of zelfs
helemaal ontwijken?
Zitten we verlamd te staren
naar onafwendbaarheid
of zoeken we de blik in elkaars ogen
putten we kracht uit onvermogen
om de kaarten nieuw te schudden
de richting te verschuiven
putten geloof uit ongeloof
dat dit zo door kan gaan?

Laten we beginnen op te staan
Dat is een basis voor bewegen.

Bart Top
https://www.gedichtbijzee.nl/

nou in de wereld om ons heen zit het niet echt goed – dat beschrijft de dichter Bart Top als geen ander – een alles en iedereen overstijgend bijna – strijdlied lezen we hier – de tekst lijkt ook in de beste traditie van de sociaal democratie geschreven – aan de 20 – 20 regel van deze site hoeft een dichter zich niet te houden als de noodzaak zich opdringt. en de schrijfnoodzaak van de vele gekozen woorden, rijmwoorden is hier evident. de wereld moet beter! zo kan het niet langer. sta op! in machteloosheid wordt kracht geboren. het is zoals kiki schippers in haar prachtlied  NAVALNY zingt: ‘’..kwaad wordt geholpen door alles wat zwijgt… het kwaad triomfeert als je niks doet…” – met de kracht van de poëzie een prachtig pleidooi om op te staan tegen het ons omringend kwaad – dit wordt op deze zondagochtend niet meer overtroffen: GOUD! en van harte Bart.


Share This:

roop en de beum – ‘we zitten in groningen’


onlangs vierden we de jaarlijkse pomgedichtendag – een dag die dan weer eens om de 5 en dan weer eens om de 2 jaar gehouden wordt – en ook volgend jaar is het streven om deze bijzondere dag te vieren – maar om een lang verhaal kort te houden – waarom weet ik eigenlijk ook niet – want het is best gezellig kletsen zo op de vroege ochtend – met u lieve lezer – hoe dan ook onlangs vierden we die bijzondere dag in eindhoven – en de dichtkoningin van texel Karin Beumkes had aangekondigd met haar partner ROOP om eindhoven aan te doen – om te eten en te drinken – en om enige gedichten voor te lezen, te performen -uit te spreken. mijn aankondiging was enthousiast – roop en de beum verlaten die tochthoek daar boven in – om op pomgedichtendag in het altijd weer zwoele zachtaardige eindhoven te komen voordragen.

tal van enthousiaste reacties ook mocht ik optekenen – OOOO dan kom ik ook – kan ik kaartjes kopen – mag ik op de eerste rij zitten – schenken jullie goede whiskey ( schreef martin aart de jong) – eerst beum zien en dan pas sterven schreef nog een lieve oude dichteres met A – vroeger schreef je ze heeft K – nu hebben ze allemaal A (alzheimer) – hoe dan ook – de dicht dag zou een aanvang nemen om 1500 uur in eindhoven – om kwart voor drie schalde de telefoon in eindhoven – beum en roop aan de lijn – we zitten in groningen!!!! maar jullie staan in eindhoven – sprak de gastvrouw galant – op het programma – maar we zitten in groningen!!! – jaja ik hoor jullie wel. en zo geschiedde. de pomdag nam een aanvang in eindhoven – alle dichters en gasten teleurgesteld –

behalve de oude dichteres met A – die sprak enthousiast – eerst beum zien en dan sterven – beum viel nog niet te zien en er hoefde godzijdank dus ook nog niet gestorven te worden. volgend jaar krijgt ze een nieuwe kans. genieten we toch nog maar eens even hier op de pom van onze lieve beum – de dichtkoningin van texel:

Opdracht

Je was niet braaf,
dat was je niet
je was het kind dat uit de ramen sprong
dat een pop neerlegde in het bed
perfect als alibi om in de nachten te verpozen.

Je had een ziel en grijze ogen
en je liep het liefste in de mist,
daar was het stil en licht en goed
daar vlogen roedels ganzen naar regenbogen.

Je was niet gek
dat was je niet,
je had een wens om elf te worden
die met twee puntoortjes van alles hoorde,
en vliegen redde uit een spinnenweb.

Nu sta je op de grond van eb
en haalt wat water uit de zee
gewoon omdat je iets te voelen hebt
en je hartje, ach, dat voelt wel mee.

KARIN BEUMKES

Muziek: Liesbeth List – Heb het leven lief https://youtu.be/YMUc8WrxPss

Share This:

Ditmar Bakker neemt afscheid van de examenklas




II.

Zo, leerlingen, de allerlaatste horde
die tussen jullie en volwassenheid
nog in stond, is genomen. ’t Is een feit:
eer was je klein, nu van een and’re orde


en klaar met d’s en t’s op witte borden
of hyperbolen; die vermaledijd
v.v.t.t.,
zou die tot nut ooit iemand zijn geworden?


De toekomst wacht, en daarmee nog veel leven;
succes daarmee! Echt wennen doet het nooit
en ’t raakt met liefde, rouw en troost doorweven.


Blijf rijk van geest, zodat je ongekooid
en vrij gelukkig bent. Met dit gegeven
zijn deze les en onze tijd voltooid.


***[D.B.]


Share This: