Dit is het randje dat alles draagt het is een dun randje hier en daar zie je corrosie misschien houdt het niet maar tot nu toe gaat het goed het is een sterk randje het draagt alles het tilt feitelijk de constructie op houdt het boven de grond houdt het van de grond het is een dragend randje zo sterk je kijkt er eenvoudig overheen moet je nagaan met de machines van toen en toch zo degelijk wie is hier niet zonder besef overheen gelopen
Eind jaren negentig pakte ik regelmatig de trein vanuit Utrecht naar Arnhem. Daar aangekomen, nam ik dan de bus naar Schaarsbergen. Daar in het bos lag de psychiatrische instelling, waar mijn toenmalige vriendin haar opleiding deed. Ze woonde daar in een soort betonnen blokhut, samen met een andere verpleegster in opleiding. Als ik aankwam was ze aan het koken. Daar was ze niet goed in. Als ik geluk had compenseerde ze me na de maaltijd, met wat wel haar grootste talent was. Sowieso rookten we wiet, voordat ik terug over het beboste terrein naar de bushalte liep en de bus naar Arnhem weer pakte. Mij vermoeide ogen staarden dan in het donker naar de bomen, die er allemaal hetzelfde uit zagen.
Op Arnhem moest ik dan nog een half uurtje wachten op de trein terug naar Utrecht. Aan het busplein zat een tentje dat de TEJO Snacks heette. Daar ging ik dan naar binnen en kocht een hamburger met mayonaise voor twee gulden vijftig. De burger werd niet gegrilld, maar gefrituurd. Gezeten in het schrale, gele licht en het donker eiken interieur verorberde ik dan mijn burger. Na het eten eerder op de avond, was dat een traktatie. Iets om voor terug te komen. Dan pakte ik de trein weer naar Utrecht.
Vanaf Utrecht Centraal nam ik de trein naar Overvecht. Het was vaak tussen elf en twaalf. Op het station was het dan al rustig. De rit duurde vijf minuten. Uitstappen daar voelde altijd als thuiskomen, ook al logeerde ik slechts bij een vriend. Hij woonde in een kolos van een betonnen studentenflat, die we de bunker noemden, op de zestiende verdieping. Hij was altijd nog wel wakker en zat achter zijn computer. Als ik binnenkwam, praatten we wat en rolde hij nog een joint als ik geluk had. Ik keek dan nog even uit over de lichtjes van de stad. Na twaalven gingen we dan slapen. Ik in een slaapzak op de tapijttegels. Zonder matras, want daar werd je hard van. Dan was ik gelukkig. En voelde me veilig. De volgende dag stonden we dan weer op en gingen naar onze uitzichtloze stages. Maar dat was niet erg. Er was tijd genoeg en het werd altijd wel weer vrijdag.
Afgelopen maandag stapte ik uit op Arnhem Centraal. Het gevoel, dat er altijd nog een onbekende toekomst zou zijn, voelde vertrouwd.
VON SOLO DICHTER, COLUMNIST, PERFORMER EN CINEAST Check de actualiteiten van VON SOLO op www.vonsolo.nl Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl
Het is niet aan mij om een recensie te schrijven. ik kan niks – Ik kan geen postzegels verzamelen, geen gitaar spelen, niet zingen – vrij naar paul van ostaijen – ik bedoel wie reyer zwart gisterenavond in de kleine komedie 020 gitaar hoorde spelen dient te zwijgen of uit volle vervoering en euforie luid uit te roepen – ‘wat was ie goed. de begeleider van Aléx Roeka in zijn premiereshow OP DRIFT. het is ook niet aan mij om een recensie te schrijven – ik ben al zo erg lang fan van Alex Roeka en net als bij het premierepubliek gisteren kan ie niet kapot. en wie zo mooi als hij MOZART kan zingen kan ook niet kapot, mag ook niet kapot – al is ie in de 80. zingen over de liefde ook natuurlijk – vooral over de liefde die voorbij ging – ‘wil je voorzichtig zijn’ en ‘ik mis je’ – nou ja de echte fans weten genoeg. dit mag nooit ophouden – en DIT is ALEX ROEKA.
maar toch: u voelt het aankomen. ik zag roeka in zijn voorlaatste show in – ja hoor – hoofddorp – ik zeg hoofddorp en erger dan hoofddorp bezoeken bestaat niet en ik zag een werkelijk grandioze gedreven – volkomen op drift geraakte alex roeka in november 2025 in zijn show Nachtcafé en met dat beeld nog in mijn hoofd betrad ik gisteren het prachttheater aan de amstel in 020.
de premiere voorstelling had zijn naam mee: ROEKA OP DRIFT. en waar het ook aan gelegen heeft – ik zag niet de roeka die nog in mijn hoofd op zijn hoofddorps rondspookte – wel dezelfde afwisseling als toen – verhaaltje – song – verhaaltje – maar in een net te obligaat toneelbeeld en in een net te uitgeblust optreden – gelukkig hebben we Mozart nog en Rijer Zwart – en gelukkig hebben we ook Alex Roeka nog. 80 procent roeka is nog altijd 2000 procent meer liedjeszanger dan wie dan ook in nederlandse poëzie over de liefde over het leven en over een onstuitbaar verlangen zingt.
als een vorstin gedraagt zij zich zij komt en gaat naar eigen zin doet wat ze wil zonder enig overleg eist bediening op door haar gewenste tijden dat alles met koninklijke vanzelfsprekendheid
vrijwillig heb ik me tot haar slaaf gemaakt open de deur als zij naar buiten gaat geef haar het eten dat zij eten wil dat alles door haar aaibaarheid en ’t zachte spinnen van tevredenheid
In de Zotte Lambiek te Teuven is het goed toeven. Gelegen in het midden tussen drie prachtige steden. Aken, Luik, Maastricht. Allen op een afstand van 20 kilometer. De Voerstreek is het waar biercafé de Zotte Lambiek zich bevindt. Een plek om te koesteren in een dorp dat je normaal snel zou passeren, een plek gelegen aan een wat verloren grijze straat het dorp uit. De aankondigingen op de buitenmuren van het café zijn daarentegen kleurrijk en schreeuwen je ludiek en luid naar binnen. Ze maken meteen nieuwsgierig en dorstig.
Binnen zijn de muren volgestouwd met anekdotes en teksten op zijn Suske en Wiskes en bovenal op zijn Lambieks. Het is meteen duidelijk. Hier raak je vervoerd en gevoerd door bier. Talloze biertjes. Met tekst en uitleg op verzoek van een ietwat warrige charmante gastvrouw en een onvervalste biersommelier die eigenlijk liever drumt. Je kunt maar passies hebben.
Soms tref je zo van die kroegen waar je je meteen thuis voelt. Die past gelijk een warme jas. Waar je niet meer weg wil. Waar het geluk je toelacht. Waar weinig woorden nodig zijn om dat te delen. Met een goed glas, een goed verhaal en een goed publiek. Waar kunstenaars en ambachtslieden, een verdwaalde toerist en dorpsgenoten elkaar warm ontmoeten. Buiten in een keet of aan het kleine terras, aan een kabbelend watertje met twee Belgische werkpaarden in de wei die nieuwsgierig komen spotten. Zomaar ergens in een door god verlaten straat, een achteraf cafeeke. In de Zotte Lambiek. Om nooit te vergeten. Wat een ambiance.
Soms treden volkomen taalkrankzinnigen op in Eijlders (dichtmiddag)- nouja ik bedoel mensen die je wenst dat ze worden geholpen – maar ja de zorg is niet wat de zorg is geweest –
ik zei nog tegen karel – is er nou niemand die het durft te zeggen – spoedopname – niet aarzelen – de totale onzin minutenlang het publiek ingejaagd – als je naar de uitgekraamde teksten luistert weet je hoe totale onzin onder het mom van poëzie de wereld ingeslingerd wordt. is er nou niemand die tegen de dames jolies heij en ma ter haar zegt – laat u opnemen – neem de aangereikte kalmeringstabletten – luister goed naar de opdrachten van de psych en houd alle tekstentroep voor u zelf – nou ik wel hoor. overal waar ook maar iets van poëzie wordt georganiseerd zitten ze al een uur van te voren met hun pootjes omhoog en smachtende blikken te wachten totdat ze hun zo eigen totale taalkrankzinnigheid kunnen etaleren. dat het gezegd is. dat deze taalterreur mag ophouden
laten we meteen maar de daad bij het woord voegen – het goud gaat op deze zondagochtend naar BART TOP – van harte – nee het zit niet goed bij en in de wereld om ons heen. het wordt echt tijd om op te staan – de stem van de dichter klinkt luid en duidelijk en voor iedereen onontkoombaar in zijn poëtisch vormgegeven pamflet. maar eigenlijk is pamflet niet het goede woord. Bart schrijft in de beste traditie van de sociaal democratie een hartverwarmende tekst – bijna een eerbetoon aan die prachtregels van dichteres HRH: De zachte krachten zullen zeker winnen in ’t eind – dit hoor ik als een innig fluistren in mij: zo ’t zweeg zou alle licht verduistren alle warmte zou verstarren van binnen.
het zilver op deze zondag moet zonder meer naar Vera van de Horst – madam schreef weer eens een onvergankelijk gedicht. de stoel met prachtleuningen van Anke Labrie zetten we nog even in een bronzen licht – winnaars van harte – dank aan alle dichters die inzonden – het was weer een bijzondere – bijzonder mooie zondagochtend. de commentaren leest u onder de gedichten.
Niet blijven zitten: opstaan!
Wat is de waarde van een mensenleven als dag na dag de prijs van olie hoger wordt opgedreven. Hoe hoger dat die stijgt, hoe harder zijgt neer de prijs van vlees en bloed. Het is hun oorlog die zich met onze lichaamsvochten voedt die graait en maait en zonder onderscheid leed toevoegt aan al wie al zo lang zo bitter lijdt.
Hen is het om het even of bommen vallen op oorlogsschepen of op een ziekenhuis. Hoe ver is elke vorm van humanisme weggedreven.
Terwijl de verbeelding is gestorven ruiken verdorven geesten grenzeloos profijt, Hun zielen leven op: de geur van geweld smaakt op hun tong naar geld.
Wie draait er terug het wiel van de geschiedenis dat doldraait op hebzucht en haat? Of is het al te laat om met rede en met recht het strijdperk in te perken de wapens te begraven de massagraven op te graven de doden weer een naam te geven. En ook een naam aan wie bleef leven. . Blijven we kijken, of zelfs helemaal ontwijken? Zitten we verlamd te staren naar onafwendbaarheid of zoeken we de blik in elkaars ogen putten we kracht uit onvermogen om de kaarten nieuw te schudden de richting te verschuiven putten geloof uit ongeloof dat dit zo door kan gaan?
Laten we beginnen op te staan Dat is een basis voor bewegen.
nou in de wereld om ons heen zit het niet echt goed – dat beschrijft de dichter Bart Top als geen ander – een alles en iedereen overstijgend bijna – strijdlied lezen we hier – de tekst lijkt ook in de beste traditie van de sociaal democratie geschreven – aan de 20 – 20 regel van deze site hoeft een dichter zich niet te houden als de noodzaak zich opdringt. en de schrijfnoodzaak van de vele gekozen woorden, rijmwoorden is hier evident. de wereld moet beter! zo kan het niet langer. sta op! in machteloosheid wordt kracht geboren. het is zoals kiki schippers in haar prachtlied NAVALNY zingt: ‘’..kwaad wordt geholpen door alles wat zwijgt… het kwaad triomfeert als je niks doet…” – met de kracht van de poëzie een prachtig pleidooi om op te staan tegen het ons omringend kwaad – dit wordt op deze zondagochtend niet meer overtroffen: GOUD! en van harte Bart.
Zoals we hier zitten jij met die ogen en je handen in je schoot ik met de tranen en de lach Het rommelt buiten, een ver geluid van ernst en angst, van ijzer op steen en glas
Hier zijn de muren van nevel gemaakt en spelen we een spel zonder regels of verlies we vangen de stofjes uit het zonlicht niets hoeft hier te landen
We raken los van huis en stad dwingende namen van dingen Zullen we zo blijven zitten, alsjeblieft totdat de wereld vergeet dat wij bestaan.
Vera van der Horst
dat heerlijke bijna smartelijke einde van dit gedicht – die bijna machteloze poëtische oproep in de laatste 2 regels – die zo enorm van de poëzie zijn maken dit gedicht (compleet) – Zullen we zo blijven zitten, alsjeblieft totdat de wereld vergeet dat wij bestaan. de eerst drie regels – een beetje arbitrair gezegd kunnen best weg – verder lezen we dan een onvergankelijk gedicht – wie zo kan schrijven verdient eremetaal!
Het rommelt buiten, een ver geluid van ernst en angst, van ijzer op steen en glas Hier zijn de muren van nevel gemaakt en spelen we een spel zonder regels of verlies we vangen de stofjes uit het zonlicht niets hoeft hier te landen
We raken los van huis en stad dwingende namen van dingen Zullen we zo blijven zitten, alsjeblieft totdat de wereld vergeet dat wij bestaan.
Vera van der Horst
de boekenkast blank eikenhout biedt onderdak aan mijn geliefden de schilders naast de filosofen de dichters binnen handbereik
mijn stoel ernaast weerbarstig leer gevormd naar lichaam en naar geest de leuningen gevuld met dromen en draaibaar in de tijd
(genomineerd literaire wedstrijd Schrijvenswaard en gepubliceerd op ansichtkaarten meubelzaak)
een mooie stoel dat moet gezegd! en prachtige leuningen ‘gevormd naar lichaam en naar de geest’ – ja zo een beeld is niet meer uit het zondaghoofd te krijgen.
Vera van der Horst – Zullen we zo blijven zitten, alsjeblieft…
Rik van Boeckel- de banken in parken
Rob Mientjes- licht uit spot aan
Frans Terken – met woorden die even zweven
Ien Verrips – het zitten valt hem zwaar
Anke Labrie – de schilders naast de filosofen
Cartouche-ik zie het niet meer zitten
Luk paard -ik vlij me neer op’et bankje
Max Lerou – een heer van stand
André Heijnekamp – het had er misschien ingezeten
Bart Top – opstaan!
wie wint de enige echte virtuele – en zit u de laatste tijd wel goed? trofee op pomgedichten.nl? altijd benieuwd naar het wel en wee – en zeker op de zondagochtend – zit u wel goed – zit de dichter wel goed, zit het wel goed in de wereld of in de wereld om u heen – we lezen het graag – met het thema kunt u alle kanten op – van dichterlijke weltschmerz tot uitbundige euforie – het ZITTEN is aan U! u kent de regels: gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
hout rot ook
o ben jij die én die zal ik wel gezegd hebben ik geloof niet dat je naar woorden zocht
mij is niemand anders dan de zon een antwoord schuldig zei ik en ging naast je zitten
jij begon aan een monoloog niet uitgesproken mensen verzachten probeerde ik nog
nou weet ik wel dat het leven in je gaat zitten als houtrot
en dat je krijgt wat je verdient maar om het allemaal maar uit te kramen is ook zoiets
pom wolff
‘k ben u niet vergeten, ‘k wil u nie verliezen De stempel da’k drage wat doet ie d’er toe ’t was hier veel te moeilijk, ik koste niet kiezen Ik wille allene het beste voor joe
Misschien is ‘t dan beter om liefde te delen (ik lope) de schuld en de schaamte voorbie Maar ik kanne’t niet helpen, ge zit in mijn kleren Ik hope da’j soms nog kunt peizen an mie
Soms ben ik onzeker, a’k joe hore zuchten A’j zoekt naar de katte da’k ik kieke uit den boom Ik kan u niet beloven, da’k niet meer ga vluchten Da’k nie meer ga zoeken naar andere droomn
De geur is hier anders, ’t geluid komt van verder De lucht is ier lichter, der is warmt’ in joen huis Ik komme van elders, ik wacht ip het keren Mag ik ier nog wa bluven, hier voele’k mie thuis
Ken j’ook dat gevoel da’ je peist dat uw leven Zo simpel niet is of da’t anders kost gaan Misschien is het doel d’r van dat w’iets kunnen geven En da we d’r toch voor mekaar bluven staan
(…)
Vorige week zondag werd De stem van de stad, de eerste poëziebundel van de Leidse stadsdichter Raymond Tilma gepresenteerd in boekhandel De Kler en uitgereikt aan Peter Heijkoop, de burgemeester van Leiden. Het was goed daar te zitten en te luisteren naar de gedichten van Raymond Tilma over Leiden. Daar gaat dit gedicht over.
De nieuwsgierige stoel
De stoel naast de andere dichter laat ons zittend luisteren naar de poëzie van de bekende Leidse stadsdichter
de uitgever van zijn poëziebundel laat die aan alle dichters en burgers horen als de stem van de stad
we kijken vol nieuwsgierigheid naar het gezicht van de burgemeester als hij hoort wat over Leiden is geschreven
de nieuwsgierige stoel doet mij denken aan hoe de stad van mijn hart vol herinneringen aan gebeurtenissen zit
de Groenesteeg is zo mooi bekend ben er door vele wandelingen aan gewend net als aan de banken in parken
en de vele singels voorbij het standbeeld van de beroemde schilder Rembrandt, de Burcht en het groene Leidse Hout.
Rik van Boeckel 17 april 2026
ook van hier de felicitaties aan dichter Tilma met het verschijnen van zijn eerste bundel – getuige het poëtisch verslag van Rik.
Hem zien zitten
Of toch liever het je van het het van je hem of hun haar ach wat blind staren kan ook naar iedereen vanaf het podium of gewoon vanuit een stoel smoorverliefd achter in de zaal op wie op hem haar hen het hem zien zitten naakt bloot compleet zichzelf het lonkt het flirt podiumstilte doek valt licht uit spot aan misselijk van liefde vlinders geven over hem zien zitten met bonkend hart
Rob Mientjes
dichter lijkt een beetje in de war geraakt van de vele mogelijkheden in de liefde. haha.
Zitten
Van die dagen dat zitten vrijwillig is niet opgehokt achter een stalen deur met uitzicht op een tralieraam
nee in je tuinstoel met de zon op je gezicht even niets doen dan naar bloemen en bijen kijken hoe het rust brengt in het hoofd
een dag om de wereld de wereld te laten op tijd je medicijnen slikken tegen ongemak en afbraak van of in je lijf
dat je er nog bent om zitten zo tot een feest te maken met woorden die even zweven in je hoofd
opwekkende woorden van de dichter in het zonlicht van de lente – en wellicht in die van de aankomende zomer waarin de menselijke ongemakken een beetje naar de achtergrond kunnen worden gedreven. laten we hopen dat de poëzie daarbij ook als een goed medicijn kan dienen Frans.
het zitten valt hem zwaar alleen in zijn cel onbestemde geluiden daarbuiten -nooit geruststellend- collega criminelen en bewaking geen vrienden dus verstoken van geliefden bezoek achter glas de huidhonger -onvoorzien- de grootste kwelling het zitten van hem zwaar
april 2026 – IEN VERRIPS
het zitten op een andere manier verwoord – wel met inlevingsvermogen. het is de daad die veroordeeld wordt de dader minder – hoor je strafpleiters vaak zeggen. de (on)menselijke kant van dit zitten door Ien goed verwoord: verstoken zijn van liefde is de grootste kwelling. daar had ie niet bij stil gestaan.
Een gat in de dag
Soms zit het mee en zo vaak tegen zoals deze, een dag zonder zon en van regen in de drup en dan morgen ook nog in alle vroegte weer in de kleren schieten, in plaats van een gat in de dag slapen en hongeren naar het ongehoorde
nee, ik zie het niet meer zitten met haar, dat samen zwijgen, voor ons uit staren, gaan liggen en verder niks, zelfs geen krakkemikkig gedicht komt er uit de koker, kortom een dag om voor de kat d’r kut te zitten en kussens te likken
18-04-2026 / Cartouche
haha – een heerlijk gedicht – bijna een on-Cartouche gedicht – een dicht bij de grond gehouden gedicht waar Cartouche normaal gesproken toch altijd zijn teksten met iets van verhevenheid laadt. dichter zit het niet meer zitten – bij de dichter benders schreef ik ooit – dichter zit het niet meer zitten – geen touw in zijn huis om zich op te hangen… zover gaat het hier bij Cartouche net niet –
(de rockdichter): zo de zondag en dus….u kent’et reeds…paard ter pom voor de wedstrijd die geen….en ik schrijf dan over’n bankje en zo met’n mix aan emoties…en dat’k van en voor de liefde ben
“omdat ik’n dromer blijf ” luk paard
(tijdens’n verdwaalde nacht…)
ik vlij me neer op’et bankje in me stille ik gehuld de donkerte doorbroke met de felle kleure van ’n bloedend hart
volg in gedachte verder de weg die zich op me netvlies brandt omdat ik’n dromer ben en voor de liefde blijf
het bankje van Luk! ooit zullen er mensen zijn die een wandeling maken en tot aan het bankje van Luk geraken – hee een bankje met een bordje – zullen ze zeggen – en ze zullen lezen – vlij u neer en blijf voor de liefde!
de nacht is voor louise *
suikerspin in het web van mijn dromen zie ik een raam in de doublet waar jij zit als een slet en weet dat ik eens binnen zal komen
ml * louise engering voormalig wethouder cultuur en financiën den haag
‘verboden’ toegift:
naaktstrand
een heer van stand zit ietwat ongemakkelijk op het klotenzand
ml
berichten uit het zuidhollandse gaan hier in 020 nooit voorbij zonder een schaterlach – zeker niet als het een klassieker betreft.
Te jong
We dachten er uit te halen
wat we vonden in elkaar
een overwinning
die een verwachting dragen moest.
Maar om te laten gaan
waren we te jong, voor verlies
niet lang genoeg vastgehouden
en hoe we elkaar beklemden
en hoe we verloren.
Het had er misschien ingezeten
maar we hebben het vastgepakt
en eruit gehaald.
André Heijnekamp
ik geloof niet dat de woorden helemaal consistent gerangschikt zijn om hier het droeve verhaal van te jonge verliefdheid vertellen. het is niet goed gegaan en niet goed gekomen lezen we maar er is wel van alles en nog wat ‘uitgehaald’ – dat uithalen maakt het gedicht een beetje ongemakkelijk te lezen.
My Charms 3 Al deze regels zijn gevonden in het werk van Daniil Charms
een berg vuile kleren, een bleek lampje, een lompe leunstoel vier kwastjes aan een japon, acht punaises aan het plafond een tafel of een kast of een huis of een weide of een vlinder of een sprinkhaan – voor mij is het allemaal hetzelfde
prachtig zijn de zon en het gras en de steen en het water en de vogel en de kever en de vlieg en de mens, prachtig zijn ook een glaasje en een mesje en een sleutel en een kam ik ben de schepper van de wereld, ik ga dood van liefde