met de mooiste regel glaszuiver helder van inhoud is Rik van Boeckel de winnaar van de maand februari 2020 in de enige echte virtuele zondagochtendwedstrijd: ‘ze zijn vertrokken met hello goodbye – de boot slaat de landing over’- het hier en nu tot poëzie verwerkt. knap gedaan Rik – van harte gefeliciteerd. de chaos aan banden gelegd, de dreiging beschreven. de poëzie boven al het gedoe getild. we kunnen er weer een maandje tegen. alle dichters dank jullie wel voor het insturen. een mooie mensendag wens ik jullie.
Pom, hier mijn bijdrage aan de enige virtuele met een historisch tintje. Groeten, Rik
Verlaten op stilstand
We zullen ons verlaten op stilstand ze zijn vertrokken met hello goodbye de boot slaat de landing over
vijf maanden op de wereld op de aarde de zee tussen vasteland en eiland gaat de vloed in slaat de dijken over
zij handelen in Shakespeare wij vangen hun zijn op als niet zijn
de eerste zondag van de maand slaan ze over met een pond in de hand
regen en wind zullen in beiden toeslaan verlaten niemand bedreigen beide kusten.
Rik van Boeckel 1 februari 2020
–> van je een, twee, drie in godsnaam en iets over mensen, niets over mensen mag ook. webmaster presteert het weer eens – onduidelijkheid troef en de dichter mag het op de zondagochtend uitzoeken. laat ik beginnen met alle dichters die hun werken inzonden te bedanken. in de voetbalwereld zou je met zoveel onduidelijke instructies allang afgezet zijn en heengezonden. “dat er mooie regels zullen zijn – dat we er een maand tegen kunnen.”schreef ik ook. op zoek dus vanochtend naar mooie regels en met welk gedicht kunnen we een maand voort. de eerste zondag van de maand maart de volgende wedstrijd hier op de site – en ik beloof het u – met duidelijke instructies. Rik blijft in het HIER en NU. bij het thema van de poëzieweek en slaagt er wonderwel in om in een paar regels zowel de chaos als het stranden van een brexit te schetsen. de mooiste regel en glaszuiver helder van inhoud is wat mij betreft: ‘ze zijn vertrokken met hello goodbye – de boot slaat de landing over’ – het vervolg de wereld, de dijken, een dichter uit een ver verleden, het pond, regen, wind en dreiging. mooi gedaan.
Rik van Boeckel – ze zijn vertrokken met hello goodbye
Petra Maria – ergens staat geschreven dat alles goed komt
Frans Terken – ik houd het op een zacht neuriën
Ditmar Bakker – Geen mens blijft ooit van rot gespeend
Anke Labrie – en de nachtmerrie begon
Ien Verrips – terug naar de oervraag
wie wint de enige echte virtuele eerste zondag van de maand trofee op pomgedichten? voortaan één keer per maand onze zondagochtendwedstrijd – rond een thema – maar we zijn nooit streng wat het thema betreft. wel op de poëzie – dat er mooie regels zullen zijn – dat we er een maand tegen kunnen. ik schreef deze week tegelijkertijd over mensen en ook niet over mensen. het is nu eenmaal van twee-en niet een. of toch? we lezen het graag van u beste dichter – over een, over twee. over een derde mag ook.
en u kent de regels: de gedichten niet te lang svp tenzij noodzaak – 20 regels is genoeg – insturen voor zondag 10 uur 30. stuur in op het u bekende gmail.com adres van pomgedichten@ – of benut de blauwe contact functie boven aan de pagina. of laat onder dit item een reactie achter -ik zorg er voor dat uw gedicht in het item wordt geplaatst. commentaar als altijd verzekerd.
niet over mensen
laat ik nou eens niet over mensen schrijven niet over die er niet meer zijn of over die ik nooit meer zal zien
of bij toeval hooguit dat je je hand uitsteekt waaraan voorbij wordt gegaan of die met een vluchtige zoen wordt beantwoord
niet over mensen over wie je echt niet wil schrijven omdat elk woord een woord teveel is voor die
én niet over jou omdat ik altijd heb gewild dat je bij mij zou blijven
pw
IN DE WOLKEN
vind je geen mensen
ik wandel op plekken waar jij mij wees – altijd aanwezig – naar het licht
als een glimlach in je voetstappen hoofd in de straffe wind
we ontwortelen en ik veeg losjes het zand van mijn lijf
ergens staat geschreven dat alles goed komt
als de boom ten slotte is geveld wordt het meer dan een belofte
petra maria
–> de tekst is te direct. soms heeft petra maria daar last van. met de regel: “ergens staat geschreven dat alles goed komt…” kunnen we zeker een maand voort – wel een jaar als het zou moeten. een heerlijk optimisme en zoeken maar jongens – waar is die plek die de dichter ons weliswaar in alle vaagheid aanduidt. maar waar naar het een heerlijk zoeken is en blijft. met het hoofd in de wolken – de eerste twee regels houden nog de belofte in van een spannend gedicht maar dan is het afgelopen. met als dieptepunt zowel letterlijk als figuurlijk de zinsnede: ‘we ontwortelen’ – de een zal zeggen wat een mooi beeld ik zeg – wat een lelijk woord en dat in een gedicht. erg gezocht. de filosofisch getinte laatste strofe redt dit gedicht niet. boom, belofte, meer nog? kijk als zij opstijgt hier als een ballon ballon ballonnetje in de wind dan moet ik toch echt aan een liedje van toon hermans denken. en niet aan poëzie.
We zingen niet zomaar
Wij afgezonderd van de mensen vinden hier onze eigen toon ik houd het op een zacht neuriën als een bij uit de korf vliegend
op zoek naar nectar om ons met honing te voeden steels richt ik de voelsprieten op het hart van de bloem in je haar
ja ja gezoem dat op springen staat ik leg een hand onder het laken dat hij verdwalen kan en lenig de laatste plooien glad strijkt
hoe het ons gevoel van katoen geeft het minste geluid het lichtste vonkje het bed en de kamer uitbundig vult
FT 01.02.2020
–> ‘het gevoel van katoen’ hier beschreven met één hand onder de lakens. de andere hand voor het gedicht. ik zeg een lengte-achtig gedicht met ‘voelsprieten op het hart van de bloem in je haar’- heel veel meer kan ik er niet van maken. de lente in aantocht, de dichter loopt vooruit op een lammetjesgevoel en duikt voor de zekerheid alvast maar onder het zachte flanel van haar lakens.
ALS IEDER BLAADJE… (Tot een klein kind)
Margriet, blijf jij voor blijdschap blind Door Guldenbosch’ ontlovering? Loof vind jij, ‘lijk ’s mensen aard, Zo piepvers denkend zorgen waard?
Ach—wordt het hart wat ouder, Laat zulk een zicht het kouder; Meer en meer, berustend eer Al geelblad nogmaals molmt terneer En toch—weet waarom—ween je weer. Hoe ’t heet, is onbelangrijk, kind: Eén bron waar elk verdriet begint.
Geen dacht, noch uitte stemgeluid Wat hoort in ’t hart, daar schimmig schuilt: Geen mens blijft ooit van rot gespeend, Het is Margriet waar jij om weent.
Ditmar Bakker
–> bij ditmar lezen we altijd over de waarheid en het leven. neen van rot blijven wij niet gespeend – loof en geelblad ai ai ze doen zo zeer dat margrietje erom huilen moet. och arm kind kom hier ditmar zal je troosten met zijn woorden uit vorige eeuwen geplukt. maar hoe of waar of wanneer dan ook DE ROT zal toeslaan – dat we het weten – ditmar smeert het margrietje nog maar eens even heel dik in – dat zij het ook zal weten en niet zal vergeten – hahaha arm kind.
hij was een dromer maar hij wist het niet totdat ze binnenvielen en de nachtmerrie begon
zijn moeder zijn vader zijn nichtjes zijn neefjes en zijn kleine zusje ook
ze gooien met een bal lachen uitgelaten
nu weet hij dat hij droomt
anke labrie 01-2020
–> de dromer, de droom en het gedroomde tegenover de toeschouwer, het gebeuren en het gebeurde. dat hoe erg de nachtmerrie ook beleefd is het einde van een droom toch als een bevrijding kan worden ervaren. de realiteit vaak niet of minder. fijn gesnaard spel tussen droom, kennis en realiteit. over heden en verleden. toch als gedicht te mager – te weinig mooie regels ook.
over mensen en ook niet gedoe is het altijd twijfel zucht in mij verworden in het schisma der seksen terug maar weer naar de oervraag zijn of niet te zijn als pas op de plaats handreiking misschien of als we vrolijk zijn als inspiratiebron
Ien Verrips
–> ‘twijfel zucht in mij’ zonder meer de mooiste regel in dit gedicht. we lezen een aantal waarheden als een koe verder. dat het altijd gedoe is. wie durft Ien hier tegen te spreken. de al eeuwenoude oervraag ook nog gesteld, een verwijzing naar een grote dichter uit engelands koninkrijk. maar wat wil de dichter is de vraag die in mij woedt. wil de dichter wel iets? die twijfel zucht ook in mij. een antwoord wordt niet gegeven.
de dichter die naar eigen zeggen alles kan verdragen behalve verse vulkoek kan toch niet alles verdragen – de laatste werkdag van jacob de bruin valt de dichter te zwaar – we lezen jacob de bruin op zijn blog:
“Gister was ik sacherijnig. Niet omdat het gedichtendag was en ik zonder gedicht zat. Ook om veel andere redenen niet, niks Brexit of zo, gewoon een stom ikding. Vandaag is de laatste dag dat ik naar mijn werk ga en daarom was ik gister knorrig. Nutteloos knorrig. Na vandaag nog een maandje vakantie van de baas en dan maar niets en meer niets tot het grote niets erop volgt.” de vulkoek (lees hieronder) blijkt dus toch lulkoek te zijn. in die zin dat onze jacob echt niet alles kan verdragen zoals in het gedicht is beschreven. jacob de bruin een echte dichter die alles aan elkaar liegt als het hem uitkomt. het gedicht VERSE VULKOEK is eindelijk – eindelijk – een echt gedicht geworden. geen autobiografisch schetsje naar kopland. leve de vulkoek van jacob de bruin en lang leve de lulkoek.
Verse vulkoek
Alles kan ik verdragen: het verkruimelen van spritsen, gebroken bokkepoten, het kaakje bij de thee daar kan ik met droge ogen mijn tanden in zetten, daar ben ik werkelijk hard in.
Maar vulkoek met het nootje uit het midden, vers nog uit het pak net, nee.
Stiekem ben ik best benieuwd hoe seks is met een écht succesvolle vrouw. En dan bedoel ik niet enkel een heel mooie vrouw, die blank is en aan yoga doet, maar echt het hele totaalpakket. Niet een vrouw die denkt of pretendeert dat ze eigen baas is of succesvol, maar één die het echt ís. Zo één die gehaat wordt door andere vrouwen. En toch tegelijkertijd meer vriendinnen heeft dan alle andere vrouwen bij elkaar. Die gelukkig getrouwd is met de perfecte man. Daar genetisch de beste, knapste kinderen mee heeft gemaakt in het universum en het ook nog voor elkaar gekregen heeft binnen drie dagen na elk van de vier bevallingen, weer het lichaam van Doutzen Kroes in haar hoogtijdagen te bekomen. Die daarnaast minimaal vier commissariaten bekleedt, CEO is van een multinational en kunst maakt die beter verkoopt dan die van Damien Hirst. Erger nog, zij heeft het grootste deel van zijn collectie in huis. Zo’n succesvolle vrouw. Hoe het zou zijn om daar seks mee te hebben.
Ze zou niet twijfelen. Want dat doet een succesvolle vrouw niet. Ze zou zich ook niet schamen. Waarvoor zou ze ook? Ze is tenminste écht succesvol. En echt succesvol zijn, is een klasse apart. Dat is niet enkel op sociale media de meeste likes krijgen, maar ze ook nog eens niet nodig hebben. Haar boek over hoe succesvol te zijn, verkoopt beter dan alle boeken van Sylvia Noort bij elkaar, alleen de andere vrouwen zijn niet in staat de toch zo helder beschreven essentie te willen begrijpen, maar durven ook weer niet toe te geven dat ze het onzin vinden, omdat ze er onbewust wel in geloven. Het geloof in succes is sterk. Succes erotiseert. Een knappe, blanke vrouw in een grote SUV heeft op zich al meteen iets geils. Zij is degene die achter het stuur zit. Zij bepaalt de koers. Je zou natuurlijk kunnen vragen waarom die echt succesvolle vrouw blank is. Het zou te ver voeren dat uit te leggen. Daarvoor moet je in Thierry Baudet geloven of het Beyoncé maar eens vragen.
Maar wat zou zoal anders zijn. Ten eerste, alles zou echt zijn. En zonder enige twijfel en terughoudendheid. Alles zou ook kloppen. En in mijn fantasie zou het ook niet ophouden. Niet tot zij het perfecte moment bepaalt op basis van ongekende kennis en wijsheid gecombineerd met perfect uitgebalanceerd gevoel. Ze zou na de seks ook geen rare gevoelens hebben, zoals spijt, manie, verliefdheid of zelfmedelijden. Het enige dat aan haar gezicht af te lezen zou zijn, zou een succesvolle glimlach zijn. Dat ook jij weet dat het goed is geweest. Nee, niet goed, het beste. Enkel het beste. En dat is voor de simpele mensen onvoorstelbaar. Voor mij is het ook onvoorstelbaar, vandaar dat ik er ongelofelijk nieuwsgierig naar ben.
Uit ellende zou ik kunnen denken dat seks met een echt succesvolle vrouw vreselijk tegen zou vallen. Die borsten van haar niet echt zouden zijn en zouden hangen. Dat ze sacherijnig is, ongesteld en hoofdpijn heeft. Dat ze issues heeft uit het verleden. Dat alles schone schijn is en dat al dat succes slechts een façade is. Maar daarvan weet ik dat het allemaal niet zo zal zijn. Want anders zou zij niet zijn wie ze is. Anders zou ze niet veel meer zijn dan een knappe blanke, maar helaas ook maar, vrouw met een universiteitsdiploma, een succesvolle man. Zo één die zich in het weekend vermomd als Susanbijltastrut met yoga mat. Nee, het enige dat een echt succesvolle vrouw belet seks met mij te hebben, ben ik zelf. Voor haar ben ik geen match. Voor haar ben ik een onmogelijkheid. Geen kans van slagen.
Stel je voor dat ik zelf echt succesvol zou zijn? Zou ik dan verlangen naar een vrouw die niet zo succesvol is als ik?
Nee, als succes niet mogelijk is, is ook geen realiteit mogelijk.
VON SOLO DICHTER, PERFORMER, COLUMNIST EN CINEAST www.vonsolo.nl
Lees ook de wekelijkse column van VON SOLO op www.POMgedichten.nl En volg VON SOLO ook op Facebook, Twitter en LinkedIn!!!
Hoi Pom, een herinnering aan mijn oude buurman in de Govert Flinckstraat bracht me het tekstje in de bijlage, groet, Merik
Jan
Soms denk ik aan mijn oude buurman. Eén van zijn beste: loop ik in die aubergine gevoerde jas, zegt ie: mooie jas, en ik: ik heb hem geërfd van mijn vader, en ie: maakt niet uit; het is een prachtige jas !
Iedere dag droeg ik die aubergine jas.
Merik van der Torren
“Daar heb ik ook vier jaar prettig gewoond. Boeiende straat. Wel een grote schok toen ‘oma Tony’ enkel jaren geleden werd neergestoken en wat later overleed. Zij was onze bovenbuurvrouw. Ik had haar twee weken ervoor nog aan de telefoon, waren na mijn verhuizing bevriend gebleven. “
Mijn tweede gedicht. Ik schrijf veel over de liefde, voornamelijk de duistere kant die iedereen zal herkennen. Door ontmoetingen, verhalen en eigen ervaringen probeer ik te grijpen naar wat iedereen wilt begrijpen. Het bijzondere aan gevoelens is echter dat zij een vluchtig bestaan leven, zo snel en intens als ze komen zullen ze ook weer gaan. Het vangen en vastleggen van gevoelens blijft dan ook telkens een uitdaging.
ik wil dat je mij verlaat ga nu maar zachtjes ik weet dat je mij verstaat laat de woorden toe en luister naar het duister dat in mij leeft en jou deze woorden geeft
het 2e texelse poëziepodium in café De Kastanjeboom – zeg maar het podium eilanddichterRoop/WillemBroens was – het mag gezegd – uit het goede kastanjehout gesneden. een kort verslag met enige persoonlijke accenten is op zijn plaats. eilanddichter/organisator Roop verzorgde een gratis drinken en drinken voor de dichters in het poëziecafé gesponsord door een drankengroothandel of was het de plaatselijke grutter. (graag even een vermelding)- hoe dan ook een belangrijke en waardige geste richting dichters. stevig gebruik van gemaakt. een afgeladen café – maar met verstilde aandacht voor de poëzie. waar heb je dat nog.
uw verslaggever was met de dichters Arie van Egmond en
dichter/Volkskrantfilmrecensente Gerdin Linthorst noordwaarts/ eilandwaarts getogen
– op de teso boot – een uitje. van 1400 uur tot 1600 uur poëzie en de top-40 bluesmuzikant
Sloppy Tom voor de afwisseling. de ontvangst was allerhartelijkst. roop goed
geluimd. beumkes zoenen in volle omarming aanvaard. willem broens (woensdagavond
trouwens te bewonderen in café Daan&Daan in Amsterdam – de Kattenburg wintereditie
– in een programma met oa Gabriel Kousbroek
en Aurora Guds – maar dat terzijde)
het programma afwisselend. doorgewinterde dichters als oa
Larissa Verhoef, Beumkes, Broens, wisselden het podium met lokale helden die vooral
persoonlijk leed in rijmvorm te lijf gingen. we vernamen van een oude vrouw die
na veertig jaar scheiding nog steeds onder hypotheekleed zat, we vernamen van intense
chemokuren die familie leden moesten ondergaan. en er was een man die 7 minuten
wist te dichten zonder dat ook maar iemand in het café wist waarover hij sprak.
uitgever bert bakker had zijn levenswerk ooit niet opgenomen in zijn uitgeversfonds
en wilde de portokosten vergoed hebben voor het terugsturen van de kilo’s ingezonden werken. lokaal leed mooi allemaal!
heel anders toch de stadsdichteres van Ede Larissa Verhoef, ook
wel bekend als de afvalgoeroe van Ede – zij moest naar eigen zeggen nogal uitgebreid ‘kotsen’
in de trein – kijk dat is andere koek, dan heb je tenminste wat – haar ware
poëzie geëtaleerd in sneltreinvaart. een perfecte performance.
Texel kent na gisteren twee poëziekoninginnen. Beumkes is
natuurlijk de enige onvervalste echte eiland koningin van de poëzie – ik neem
hieronder omdat het maandag is (op
pomgedichten is maandag altijd beumkesdag) in dit verslag een van haar
prachtige gedichten op:
Berichtje
van een koud Texel.
Orkaan
Ubie bleef
thuis toen Iboe kwam
de orkaan kwam aan land met wind en regenvlagen
het werd tijd, Ubie begon te bidden
God kwam in het huis en ving de eerste klappen op.
Ze aten chocolade en beefden van de angst
maar God was hier het langst
en wilde helemaal niet buigen
en hóór de takken werden stil
de spinnen begonnen weer te rennen
de katten waren niet meer bang.
Het klusje was geklaard;
Iboe trok zichzelf terug
en ging wat verder mokken.
Niemand is vertrokken
het kleine stadje werd een bedevaartsplaats.
De andere koningin – gisterenmiddag uitgeroepen door jury, café, bezoekers en organisatie heet Gerdin Linthorst. een van haar gedichten – het gedicht CADZAND – ik probeer het gedicht vandaag te achterhalen – zal in neonletters op het eiland te lezen zijn en zal door de bluesdichter/singersongwriter Sloppy Tom tot een song worden verwerkt –
Cadzand
De vloedlijn scheidt
niets van niets
wind tuimelt in willekeur
uit lucht in water
trekt striemen jaagt
schuimkoppen
op en weg.
Wij zien door ogen van de geest
het spiegelgevecht van
zeegrauw en loodgrijs
om en om.
Nat zand in Cadzand
vervagende afdruk van leven
wat sporen rond een
dode kwal en verder
ademloze leegte
waarin alleen een
enkele meeuwkreet klinkt
of het blaffen van
twee honden.
het hield maar niet op de lofuitingen voor deze middagkoningin Linthorst die zich gloeiend van trots en alcohol te goed deed aan ‘de juttertjes’ die door het personeel niet aan te slepen waren.
open einde
de man sprak onduidelijk en stond wat gekromd boven een vuilnisbak hij noemde het vrede
het patatje oorlog aan zijn voeten sprak hem tegen maar dat lag en werd niet meer gehoord
hij mompelde dat er dingen stonden te gebeuren dingen waarvan hij wist dingen hem gefluisterd door de duiven
en dat er een weg was hij noemde het liefde hij was er geweest daar werd nog geleden zo slofte hij door
Roop
Roop in een goed humeur, goedgemutst dus, verwelkomde mij met een lief maar o zo giftig gedichtje bij zijn introductie. we ontvangen het werkje graag nog om het hier de lezers te presenteren. arie van egmond werd uitgeroepen tot eijldersdichter en organisator van de eijldermiddagen en voorts ook tot buurtmanager van het gehele amsterdamse Leidseplein. het werd een heerlijk dagje uit. ik wist mij vergezeld door de creme de la creme uit de poëziewereld: poëziekoningin Linthorst en Leidsepleinpoëzieregisseur van Egmond. Texel mag trots zijn op Eilandichter Roop en Willem Broens – de derde open middag zal er zeker van komen – men wil drie a vier keer per jaar poëzie en muziek combineren in dat heerlijke gastvrije café restaurant De Kastanjeboom. ik zeg doen! het was mooi en goed zo!
ach ja tessel was toch altijd goed voor enige poëzie. er lopen heel wat markante figuren rond op dat eiland. eerst is er de boot, vervolgens al die meeuwen. dan dat eilandgevoel. lammetjes – over dat eiland raak je niet uitgeschreven. gelukkig hebben we nog de poëzie.
de man die nu weer eens hier en dan weer eens daar verblijven moest als het maar wel onder toezicht was
die heel goed was in het onderhouden van contacten met name daar waar het de nymfomanen betrof en die daarna nog jaren lang konijnen fokte
heeft zijn rust wel verdiend in de grond niet slecht Requiescat in pace